Bob van Asperen & Louis Couperin – een verhaal van zachte en delicate durf

by Knopskaya

Het verhaal van Couperin het het verhaal van de mens die graag muziek maakt, maar dat ook op een niveau weet te vertalen. De jonge Louis Couperin groeide op in Chaumes-en-Brie (ten westen van Parijs). Hij kwam uit een geslacht van handelaren die eveneens op hoog niveau musiceerden. Zo was zijn vader een begenadigd organist, die het belangrijk vond om zijn drie zonen muzikaal op te leiden. Met succes.

Kastelen
De jongens trokken met hun violen naar het kasteel van de heer Chambonnières ter ere  van zijn naamdag en trakteerden hem en zijn melomane vrienden ongevraagd op een aubade. Dit viel in zo’n goede aarde dat de jongens mochten blijven terugkomen. Chambonnières introduceerde de jonge Louis  – over zijn broers is minder gekend, behalve dat Charles zijn post als organist zou overnemen – in zijn Parijse kringen en voor hij het wist volgde er een aanstelling aan het hof.  Daar sloot hij vriendschappen met andere notabelen en hun favoriete muzikanten. Een rijke kruisbestuiving volgde.  Zo werd Couperin ook bekend met Italiaanse muzikale stijlelementen, hetgeen hem naar een heel eigen stijl zou laten evolueren waarvoor de toen machtige mecenas Kardinaal Mazarin niet ongevoelig bleek. Die hele nieuwe muzikale beweging ontwikkelde zich zelfs verder binnen de schilderkunst – een verfijnde soms frivole barokke stijl, waarbij klanken als in pastelvorm over kussentjes lopen. Na de dood van zowel Couperin als Mazarin, werd de stijl verdergezet door Lully en zijn tijdgenoten. Zijn neef, François Couperin “Le Grand” zou zijn oom Louis later benoemen als de grootste klaviervirtuoos, waarvan men de muziek eerder moet bewonderen dan imiteren.

 

Zacht
En zo noemde François Couperin zijn methode “L’ Art de toucher le clavier”. Wie dacht dat de aanslag van een toetseninstrument niet meer is dan het duwen op een knopje, is eraan voor de moeite. Binnenin het instrument bevinden zich snaren die  – weliswaar via een omweg – dienen beroerd te worden. Het resultaat moet exact worden gemusiceerd en ongedwongen overkomen. Couperin werd een begrip binnen de Parijse salons als de methode bij uitstek voor de delicate behandeling van het klavecimbel alsook het orgel. Zijn methode reisde naar onder andere Duitsland, waar Johann Sebastian Bach er gebruik zou van maken. Of dit alles een Frans product is, valt te betwijfelen gezien de oorsprong in Italië lag, waar eveneens een heel eigen evolutie plaatsvond. Er wordt bijgevolg uitgegaan van een pan-Europese beweging.

Het is de Nederlandse klavecinist en organist Bob van Asperen die de klavecimbelmuziek van Louis  Couperin in alle sereniteit en in de meest pure vorm terug op de kaart zet, met dit vierde volume aan composities, gebracht op een prachtig klavecimbel van Ioannes Ruckers uit 1640. Het instrument werd gebouwd in Antwerpen en zou later verhuizen naar het hof van graaf Alexander  II van Velen nabij Maastricht. Op dit moment bevindt het instrument zich in het Rijksmuseum van Amsterdam.

Het album brengt u terug naar de essentie van de pure ervaring van hoe muziek met u op reis kan gaan. U vangt een toon, neemt hem vast en volgt een ingenieus patroon waarbij u anderen tegenkomt, maar waar niets botst. Accenten roepen op tot verwondering, complexiteit op papier komt als een fijn vuurwerkje in het oor terecht, want ieder partikeltje landt met de juiste intensiteit op de juiste plaats. Het neemt uw instincten totaal over, terwijl het allemaal zo exact staat  neergepend.  Een mooie verwezenlijking van Bob van Asperen en Aeolus records.

AE-10184  http://www.outhere-music.com

Een voorsmaakje uit volume 2

 

Misschien houdt u ook van: