Interview – Wannes Cappelle en Nicolas Callot benevelen u met Schuberts pure eenvoud

by Knopskaya

Dat Wannes Cappelle, frontman van Het Zesde Metaal en klassiek geschoold pianist Nicolas Callot ooit samen Schubert zouden opnemen, klinkt op het eerste gezicht ongewoon. En toch, omstandigheden zorgden voor de realisatie van een CD project, Kom Benevelt Mie!,  dat klinkt alsof het altijd zo bedoeld was; ongecompliceerde pure emotie die in iedere mens schuilt.

Schubert, de eenzame Wanderer, steeds op zoek naar verklaring voor zijn gevoelens in poëzie die hij toondichte, voornamelijk in liedvorm, vertelt eigenlijk een verhaal van alle plaatsen en tijden, waar nog zoveel mensen niet de waarde hebben mogen van ontdekken. Het was Nicolas Callot die op het idee kwam om hier wat mee te doen. Toevallig zaten zijn kinderen op dezelfde schoolbanken als die van Wannes Cappelle. De rest is geschiedenis.

Wannes Cappelle: Nicolas had me al eerder gevraagd om wat te doen met de liederen van Schubert. Hoewel het aantrekkelijk was, moest het idee even zakken. Tot het Festival van Vlaanderen West-Vlaanderen, het Wilde Westen, me vroeg of ik wat kon programmeren. Ik zag het als de uitgelezen kans en vooral als een meerwaarde om deze productie uit te werken.

Ik was vooral benieuwd om Schubert te leren kennen. Het merkwaardige is dat ik nooit had gedacht me zo thuis te voelen bij zijn werk. Het draait tenslotte om emoties die van alle tijden zijn. Ik voelde me tijdens het vertalen als een hedendaagse singer-songwriter die ten rade ging bij collega’s en mensen van tweehonderd jaar geleden. Zelf volgde ik kleinkunst, en zie het als een gemis dat dit soort dingen niet tot de opleiding behoren.

Daarboven vond ik het bijzonder verrijkend dat ik mee de barrière achter het archaïsche karakter van de Hoog-Duitse teksten van onder andere Goethe mocht doorbreken en de teksten verstaanbaar kon maken voor iedereen.

Nicolas Callot: Het was voor mij ook de eerste keer dat ik samen mocht werken met een popmuzikant. Hoewel we oorspronkelijk klassieke muziek bewerkten, had ik het gevoel dat alles als natuurlijk liep. Vaak moet je bij klassieke muzikanten afspraken maken, hier was er een mooie symbiose van het eerste moment.

Het was ook een confrontatie die uniek is. Schubert komt het best tot zijn recht wanneer iemand vanuit de taal waarin hij opgroeide, vanuit zijn breekbare ik, kan zingen. Dat bewijst dat je de essentie zeer zeker, mogelijk zelfs nog beter kan raken zonder exacte partituur. Dat er slechts één interpretatie per compositie zou mogen bestaan, is bijgevolg ook volledig voorbijgestreefd.

Ook het instrument waarop de CD werd ingespeeld is geen hedendaagse piano, maar een forte piano, getrouw aan de klavieren waarop Schubert en zijn tijdgenoten zelf speelden. Deze klank is dichter bij de bron, veel meer parlando. De liederen van Schubert vertrekken ook vanuit dictie, alles vertelt een verhaal.

Wannes Cappelle: Wat het West-Vlaams zo geschikt maakt, is het intieme karakter van de muziek, die tenslotte geschreven werd voor opvoeringen in kleine kringen, huiselijke kringen waar aan poëzie werd gedaan en waar muziek werd gespeeld. Enkel het elitaire karakter wordt weggewerkt, zodat het dichter bij de mens staat. Ik ben trouwens zeer blij dat ik eindelijk de tekst zelf kan volgen.

Het West-Vlaams is eveneens de taal van een volk dat barre tijden gekend heeft, waardoor de zielenroerselen van Schubert herkenbaar overkomen. Wat me trouwens hielp tijdens het vertalen, was dat ik geen rekening hoefde te houden met heilige huisjes. Gezien ik ze niet kende, kon ik ze moeiteloos omverschoppen, wat de tekst mogelijk nog authentieker maakte.

Nicolas Callot: Te hard roepen om historische juistheid is fout. Trouwens, het zijn net zij die dit doen, die zelf steevast een gewone piano gebruiken om Schubert op te voeren. Eigenlijk moeten we zelfs afstappen van die discussie en er boven staan. Gevoel primeert nog steeds. “Dit soort muziek hoort zo gespeeld te worden” is zo beperkend.

Wannes Cappelle: Het zegt meer over wie de uitspraak doet dan over de muziek zelf of wie ze componeerde. Je bent trouwens maar baas zolang je iets schrijft, ook van wat tweehonderd jaar oud is. Door heilig te doen, maakt men mooie dingen tot dode letter. Zelfs de Bijbel is hieraan onderhevig. “

Zelf hadden we enorm veel plezier en verwondering tijdens de opname. Het doel heiligt de middelen.

U kunt het album Kom, Benevelt mie! hier voorproeven en bestellen: https://bit.ly/34JlmdB, www.nicolascallot.be of www.wannescappelle.be

Misschien houdt u ook van: