De verblijdende ingetogenheid van Euterpe

by Knopskaya
Euterpe Baroq Consort

De Sint-Lodewijkkerk van Mortsel was op zondag 11 september, open monumentendag, getuige van een zuivere ingetogenheid. Het Euterpe Baroque Consort streelde de oren van de aanwezigen met maar liefst drie verschillende Stabat Mater.

Artistiek leider en organist Bart Rodyns had er duidelijk veel zin in. De talrijke opkomst zette al onmiddellijk de sfeer en gaf een duidelijke boost aan enthousiasme en speelvreugde. Dit desondanks er drie stukken op het programma stonden die het verdriet moeten weergeven van een moeder om haar lijdende zoon. Bijzonder motiverend was dat de tekst van het Stabat Mater, geschreven omstreeks 1300, met vertaling bij het programmaboekje was gevoegd. Zo kreeg de hele ervaring nog een extra dimensie.

Allereerst werd het Stabat Mater (gecomponeerd in 1712) van Antonio Vivaldi (1678-1741) gespeeld, met een complete instrumentale bezetting van twee violen (Maia Silberstein en Martine Beernaert), altviool (Isabelle Verachtert), cello (Tine van Parys), contrabas (Lode Leire) en orgel (Bart Rodyns). Altus Steve Dujardin zong van de eerst tot de laatste noot op beheerste, doorvoelende en zachte manier. Zijn stem en lichaamstaal getuigden van absolute ingetogenheid en professionele ernst. Vooral de nuancering in stemvolume maakten het geheel nog extra doorvoeld.

Het tweede opgevoerde Stabat Mater was datgene van Giovanni Felice Sances (1600-1679), gecomponeerd in 1636 en dus het oudste van de drie. Eigenlijk moet ik toegeven dat ik deze componist niet zo goed ken en zijn Stabat Mater voor mij totaal onontgonnen gebied was. Sopraan Sarah van Mol zong vooral zeer krachtig op tonen die voor mij een gevoel opwekten hetwelk ik krijg bij opvoeringen van Monteverdi. Een zekere passionele kracht in haar stem zorgde ervoor dat de sereniteit achteraf nog beter kon ervaren worden. De begeleiding gebeurde in alle eenvoud, puur met basso continuo. Het oorspronkelijke partituur van Sances vermeldde ook aartsluit en viola da gamba, voor een extra cachet. Mijn nieuwsgierigheid naar meer Sances is alvast aangewakkerd.

Het derde Stabat Mater, dat van Giovanni Battista Pergolesi (1710-1736), geschreven in zijn stervensjaar, was het meest gekende van dit concert en werd in volledige bezetting uitgevoerd. Desondanks er van dit derde stuk het meeste werd verwacht en het prachtig werd uitgevoerd met absoluut minutieuze precisie, zat ik toch nog met Sances en Vivaldi in het achterhoofd. Het moet niet steeds Pergolesi zijn, meer andere Stabat Mater zouden zoveel meer kleur bieden aan het begin van de zonnigste perioden rond Pasen, de periode waarin deze stukken het vaakst worden opgevoerd. Het is dat moment waarop de wereld zachtjes ingetogen ontwaakt, de bloemen hun hoofden zachtjes naar de zon richten met al hun diversiteit. Zo mag dat ook met muziek. Het lijden op de achtergrond moet stilletjes plaats maken voor licht, wat ook de achtergrond is van al wat er volgt na het lijden van de zoon.  Een klein detail is wel dat de stem van de sopraan bij kleine momenten iets te sterk overheerste waardoor ik de altus niet meer hoorde.

Het was een bijzondere ervaring om deze muziek aan het einde van de zomer te mogen horen – ter gelegenheid van 15 september, nagedachtenis van Maria Moeder der smarten – het bewijs van het eeuwige karakter ervan. Ik raad u aan om met melomaan verlangen uit te kijken naar de recensie van hun jongste CD.

Misschien houdt u ook van: