Anne-Sophie Mutter ontdekt de veelzijdigheid van Amerikaanse muziek

by Knopskaya

Met American Tunes #1 richt Anne-Sophie Mutter haar aandacht op drie werken van Amerikaanse componisten die elk op hun eigen manier laten horen hoe veelzijdig de hedendaagse Amerikaanse vioolmuziek kan zijn. Het programma vormt geen willekeurige verzameling moderne composities, maar heeft een duidelijke artistieke samenhang. De aanwezigheid van twee werken van André Previn, aangevuld met Ringtone Variations van Sebastian Currier, zorgt voor een afwisseling tussen lyriek, ritmische levendigheid, virtuositeit en een meer uitgesproken eigentijdse klanktaal. Mutter toont zich daarbij opnieuw een violiste die moderne muziek niet benadert als een specialisme naast haar klassieke repertoire, maar als een vanzelfsprekend onderdeel van haar muzikale wereld.

Het Vioolconcert nr. 2 van André Previn vormt het omvangrijkste werk van het album en is meteen een overtuigend uitgangspunt. Previn schrijft muziek die modern klinkt zonder de luisteraar voortdurend op afstand te houden. De vioolpartij is veeleisend, maar de virtuositeit staat niet op zichzelf. Technische passages krijgen een duidelijke muzikale functie en worden afgewisseld met momenten van grote lyrische intensiteit. Mutter weet die verschillende karakters scherp tegenover elkaar te plaatsen. Haar spel is trefzeker en beweeglijk in de virtuoze gedeelten, terwijl ze in de meer beschouwende passages veel aandacht heeft voor de lange melodische lijnen. Daardoor blijft het concert ondanks zijn eigentijdse karakter toegankelijk en direct.

Een van de sterke kanten van Previn is zijn gevoel voor kleur en instrumentale dialoog, en juist daarin komt Mutter uitstekend tot haar recht. De viool is niet voortdurend de dominante stem, maar maakt deel uit van een voortdurend veranderend muzikaal geheel. Mutter luistert als het ware naar haar omgeving en reageert daarop met subtiele veranderingen in articulatie, dynamiek en klankkarakter. Ze maakt de muziek daardoor levendig en voorkomt dat de meer complexe passages zwaar of academisch gaan klinken. Tegelijkertijd ontbreekt het haar niet aan kracht wanneer de muziek daarom vraagt. Haar interpretatie heeft een vanzelfsprekende autoriteit, zonder dat ze de compositie naar zich toe trekt.

Het middelpunt van het album wordt gevormd door Sebastian Curriers Ringtone Variations. Dit werk laat een heel andere kant van het programma horen. Het uitgangspunt is speels en herkenbaar, maar Currier gebruikt het gegeven niet als een eenvoudig muzikaal grapje. Het bekende karakter van een ringtone wordt materiaal voor variatie, transformatie en muzikale dialoog. In de handen van Mutter en de contrabas ontstaat een werk waarin humor, virtuositeit en verfijning voortdurend samengaan. De combinatie van viool en contrabas levert bovendien een ongebruikelijke klankwereld op. De twee instrumenten lijken elkaar soms uit te dagen en dan weer aan te vullen.

Mutter behandelt Curriers muziek met een opmerkelijke lichtheid. Ze speelt met ritme en articulatie zonder dat de uitvoering geforceerd grappig wordt. Juist de vanzelfsprekendheid waarmee ze de soms grillige muzikale invallen volgt, maakt het werk aantrekkelijk. Er zit veel beweging in de muziek, maar ook een duidelijke constructie. De variaties worden niet slechts als opeenvolgende effecten gepresenteerd; er ontstaat een ontwikkeling waarin het oorspronkelijke materiaal telkens vanuit een andere hoek wordt bekeken. De contrabas geeft het geheel bovendien een warme en soms verrassend aardse tegenkleur. Het resultaat is een kort maar karaktervol werk dat het album een welkome speelsheid geeft.

Het afsluitende Trio voor viool, cello en piano van Previn brengt vervolgens weer een andere sfeer. Hier krijgt de kamermuzikale kant van Mutter volop ruimte. Haar samenspel met cello en piano is opmerkelijk hecht. De drie instrumenten worden niet behandeld als afzonderlijke solisten die elkaar afwisselen, maar als gelijkwaardige partners binnen één muzikaal gesprek. Dat past uitstekend bij Previn, die een groot gevoel voor melodische ontwikkeling bezit en tegelijkertijd veel aandacht heeft voor de specifieke mogelijkheden van elk instrument.

Mutter laat in dit trio vooral haar gevoel voor frasering horen. Ze hoeft niet voortdurend nadruk te leggen op de expressieve betekenis van een passage; vaak volstaat een kleine verandering in accent of dynamiek om een muzikale gedachte duidelijk te maken. Daardoor krijgt de muziek een natuurlijke stroom. De lyrische momenten worden warm en zangerig gespeeld, terwijl de meer beweeglijke passages voldoende spanning en ritmische scherpte behouden. Vooral de manier waarop Mutter haar viool laat reageren op de cello en piano geeft de uitvoering een levendig kamermuzikaal karakter.

Wat het album als geheel bijzonder geslaagd maakt, is de verhouding tussen toegankelijkheid en eigentijdsheid. Geen van de drie werken vraagt van de luisteraar dat hij vertrouwd is met moderne compositietechnieken om er iets aan te beleven. Tegelijkertijd zijn het geen oppervlakkige stukken die hun aantrekkelijkheid uitsluitend ontlenen aan mooie melodieën of virtuoze effecten. Er gebeurt muzikaal voldoende om bij herhaald luisteren nieuwe details te ontdekken. Previn en Currier schrijven vanuit verschillende uitgangspunten, maar beiden blijken goed te passen bij Mutter, die complexe muziek helder weet te presenteren zonder haar karakter te vereenvoudigen.

Mutter is op dit album bovendien niet alleen de virtuoze soliste die men uit haar vele klassieke en romantische opnamen kent. Ze toont zich vooral een nieuwsgierige en betrokken interpreet. Haar benadering van deze Amerikaanse muziek is warm en communicatief. Ze zoekt niet naar een kunstmatig moderne houding, maar behandelt de composities met dezelfde ernst en toewijding die ze ook aan het traditionele vioolrepertoire geeft. Dat maakt American Tunes #1 overtuigend. De muziek wordt nergens gereduceerd tot een curiositeit of een uitstapje buiten het bekende repertoire; ze wordt als volwaardig onderdeel van de vioolliteratuur gepresenteerd.

Daarbij is vooral de veelzijdigheid van Mutter indrukwekkend. Ze schakelt zonder moeite tussen de lyrische breedte van Previn, de speelse inventiviteit van Currier en de intieme communicatie van het pianotrio. Haar techniek is uiteraard een fundament, maar belangrijker is dat ze haar technische beheersing volledig in dienst stelt van de muzikale inhoud. Snelle passages hebben helderheid en energie, zachte momenten krijgen warmte en spanning, en expressieve uitbarstingen worden nooit overdreven. Er spreekt een grote ervaring uit haar spel, maar ook een duidelijke bereidheid om nieuwe muziek onbevangen tegemoet te treden.

American Tunes #1 is daarmee een aantrekkelijk en inhoudelijk sterk album. Het biedt een interessante kennismaking met drie relatief recente Amerikaanse composities en laat tegelijkertijd horen hoe overtuigend Anne-Sophie Mutter zich binnen verschillende muzikale stijlen kan bewegen. Vooral de combinatie van het virtuoze vioolconcert, het speelse werk van Currier en het meer intieme trio van Previn zorgt voor een programma met voldoende afwisseling. De grootste verdienste van de cd is misschien wel dat de hedendaagse muziek nergens als moeilijk of ontoegankelijk wordt gepresenteerd. Mutter maakt haar enthousiasme voor dit repertoire hoorbaar en weet de luisteraar mee te nemen in de verschillende muzikale werelden. Het resultaat is een album dat zowel voor liefhebbers van Mutter als voor luisteraars die hun blik op het vioolrepertoire willen verbreden, veel te bieden heeft.

ALPHA 1264 http://www.outhere-musi.com

Misschien houdt u ook van:

Wij gebruiken cookies om onze website en de inhoud er van te optimaliseren. Akkoord