Tussen mystiek en oosterse klankpoëzie – een bijzondere muzikale ontmoeting

by Knopskaya

Met Divan-e Shohud – The Book of Visions brengen Eugénie de Mey, Lieselot De Wilde en het ensemble Illuminans Tenebras een bijzonder muzikaal project waarin twee verschillende muzikale tradities elkaar ontmoeten. Het album vertrekt vanuit de religieuze gezangen van Hildegard von Bingen, de twaalfde-eeuwse Duitse abdis, componiste en mystica, en verbindt die met de klankwereld van de oosterse muziek. Het resultaat is een bijzondere luisterervaring waarin westerse middeleeuwse zang en oosterse muziektradities naast en met elkaar worden geplaatst.

De muziek van Hildegard von Bingen vormt het vertrekpunt. Haar composities zijn herkenbaar aan hun vrije melodische lijnen, grote vocale sprongen en uitgesproken expressiviteit. In tegenstelling tot veel andere religieuze muziek uit haar tijd beperken haar melodieën zich niet tot eenvoudige, korte zanglijnen. Ze lijken soms bijna boven de gewone menselijke stem uit te willen stijgen. Dat geeft haar muziek een sterk spiritueel karakter, maar vraagt tegelijk veel van de uitvoerders. De zangeressen moeten niet alleen technisch beheerst zingen, maar ook de juiste balans vinden tussen ingetogenheid, expressie en tekstbeleving.

Eugénie de Mey en Lieselot De Wilde nemen die uitdaging met overtuiging aan. Hun stemmen vullen elkaar aan zonder dat ze voortdurend naar een opvallend samenspel streven. De zang blijft helder en verstaanbaar, met voldoende ruimte voor de natuurlijke beweging van de melodieën. De twee stemmen behouden elk hun eigen karakter, maar vormen samen een evenwichtig geheel. Er wordt niet overdreven met dramatische effecten of virtuoze uithalen. De expressie zit vooral in de melodische beweging, de klankkleur en de manier waarop de teksten worden gebracht.

Het bijzondere aan deze opname is de ontmoeting met de oosterse muziektraditie. De middeleeuwse gezangen worden niet zomaar begeleid door instrumenten uit een andere cultuur. Er ontstaat een muzikale dialoog waarin beide werelden hun eigenheid behouden en tegelijk invloed op elkaar uitoefenen. De Ottomaanse makamtraditie, met haar specifieke toonladders en melodische bewegingen, biedt een ander perspectief op de muziek van Hildegard. De klanken van onder meer de oud en de ney zorgen voor een heel andere sfeer dan die we gewoonlijk met middeleeuwse religieuze muziek associëren.

De oud, een snaarinstrument met een warme en volle klank, brengt een zekere diepte in het geheel. De ney, een traditionele rietfluit, klinkt dan weer breekbaar, soms bijna ademloos. Vooral dat laatste instrument past goed bij het spirituele karakter van de muziek. De lange, vloeiende tonen en de subtiele versieringen sluiten mooi aan bij de vrije melodische lijnen van de zang. De instrumentale passages bieden bovendien voldoende afwisseling en geven de luisteraar de gelegenheid om de muziek vanuit een ander perspectief te beleven.

De combinatie van deze muzikale tradities vraagt wel om een zorgvuldige aanpak. Het gevaar bestaat dat de verschillende stijlen tegenover elkaar komen te staan of dat de oosterse instrumenten slechts als sfeervolle versiering worden gebruikt. Dat is hier niet de bedoeling. De uitvoerders zoeken naar raakvlakken tussen de twee tradities en laten de muziek op een natuurlijke manier in elkaar overvloeien. De improvisaties vormen daarbij een belangrijk onderdeel van het geheel. Ze zorgen ervoor dat de uitvoering niet aanvoelt als een louter historische reconstructie, maar als een levendige muzikale interpretatie.

Het album heeft daardoor een eigen karakter. Wie vertrouwd is met de gebruikelijke uitvoeringen van Hildegard von Bingen zal wellicht even moeten wennen aan deze benadering. De toevoeging van oosterse instrumenten en improvisaties verandert immers de manier waarop de muziek wordt ervaren. Tegelijk blijft de oorspronkelijke kracht van de gezangen herkenbaar. De religieuze oorsprong verdwijnt niet, maar krijgt een bredere muzikale context.

Ook de opbouw van het album draagt bij aan de luisterervaring. De afwisseling tussen zang en instrumentale passages voorkomt dat de muziek eenvormig wordt. Toch vraagt deze opname om aandacht. Het is geen album dat je zomaar als achtergrondmuziek opzet. De lang uitgesponnen melodieën, de subtiele verschillen in klankkleur en de soms meditatieve sfeer komen pas echt tot hun recht wanneer je de tijd neemt om te luisteren.

Divan-e Shohud – The Book of Visions is daarmee een geslaagde ontmoeting tussen twee muzikale werelden die op het eerste gezicht ver uit elkaar lijken te liggen. De combinatie van de middeleeuwse gezangen van Hildegard von Bingen met de oosterse muziektraditie levert een eigenzinnige interpretatie op die zowel respect toont voor het oorspronkelijke repertoire als ruimte laat voor nieuwe muzikale ideeën.

Het is vooral de wisselwerking tussen de twee zangeressen en de instrumentale begeleiding die deze opname haar bijzondere karakter geeft. De heldere stemmen van Eugénie de Mey en Lieselot De Wilde vormen een mooi contrast met de warme, soms mysterieuze klanken van de oosterse instrumenten. Het geheel blijft evenwichtig en vermijdt overdreven effecten.

Dit album zal wellicht niet iedere liefhebber van middeleeuwse muziek onmiddellijk overtuigen. Wie vooral op zoek is naar een strikt historische uitvoering, zal hier een andere benadering aantreffen. Maar wie openstaat voor muzikale kruisbestuiving en benieuwd is hoe verschillende tradities elkaar kunnen verrijken, vindt hier een boeiende en verzorgde opname. Het is een album dat uitnodigt tot rustig luisteren en waarin de ontmoeting tussen muziek, cultuur en spiritualiteit centraal staat.

Ramée RAM2411 http://www.outhere-music.com

Misschien houdt u ook van:

Wij gebruiken cookies om onze website en de inhoud er van te optimaliseren. Akkoord