Wilhelm Friedemann Bach wordt vaak omschreven als de meest ongrijpbare en onafhankelijke zoon van Johann Sebastian Bach. Hij kreeg een uitzonderlijk grondige opleiding van zijn vader, die speciaal voor hem het beroemde Clavier-Büchlein samenstelde, maar ontwikkelde later een stijl die zich bewust losmaakte van strakke vormen en vaste regels. Waar zijn vader uitblonk in structurele perfectie en zijn broer Carl Philipp Emanuel richting het empfindsame classicisme evolueerde, bewoog Friedemann zich in een persoonlijk spanningsveld tussen barok contrapunt en emotionele vrijheid. Zijn muziek wordt gekenmerkt door onverwachte wendingen, expressieve contrasten en een zekere improvisatorische geest.
De Six Sonatas for Two Flutes weerspiegelen die eigenzinnige positie bijzonder duidelijk. Het zijn geen louter elegante barokstukken, maar dialogen waarin beide fluiten voortdurend op elkaar reageren, elkaar uitdagen en aanvullen. De stemmen zijn gelijkwaardig behandeld en verweven zich in contrapuntische lijnen die tegelijk helder en expressief blijven. De harmonische taal is rijk en soms verrassend gedurfd, met modulaties die spanning creëren en de luisteraar uit het vertrouwde idioom halen.
In deze opname komt die dynamiek goed tot haar recht. De uitvoerders kiezen voor een transparante klank die de lijnen scherp aftekent zonder hard te worden. Frasering en articulatie zijn zorgvuldig uitgewerkt, waardoor de retorische gebaren van de muziek duidelijk spreken. Snellere delen behouden hun lichtheid en bewegelijkheid, terwijl de langzamere bewegingen ruimte krijgen voor lyriek en subtiele emotionele diepgang.
Wat vooral opvalt is hoe natuurlijk de muziek ademt. De sonates klinken niet als academische oefeningen in contrapunt, maar als levendige gesprekken waarin spanning en ontspanning elkaar afwisselen. De balans tussen structuur en vrijheid — zo typerend voor Friedemann Bach — wordt overtuigend gerealiseerd. Geen van beide fluiten domineert, en het samenspel blijft constant flexibel en alert.
Als geheel biedt deze cd niet alleen een verzorgde uitvoering van verfijnde kamermuziek, maar ook een overtuigend portret van een componist die lang in de schaduw van zijn vader heeft gestaan. De sonates tonen Friedemann Bach als een brugfiguur tussen barok en classicisme, met een uitgesproken persoonlijke stem. Het resultaat is een opname die zowel historisch interessant is als muzikaal boeiend blijft, en die duidelijk maakt waarom Wilhelm Friedemann Bach een herwaardering verdient binnen het achttiende-eeuwse repertoire.
Arcana A588 – http://www.outhere-music.com