Eros en Thanatos in de Vlaamse liedkunst van Huberti

by Giovanni Van Avermaet

In de reeks ‘Flemish Music Heritage’ verscheen een cd met liederen van Gustave Huberti.
Huberti, zeg je?
Hij was een Vlaamse componist uit de tweede helft van de negentiende eeuw, met Waalse roots, maar desalniettemin voelde hij zich sterk aangetrokken tot de Vlaamse school van Benoit. Hij doceerde harmonieleer aan het Brusselse conservatorium, datzelfde vak én contrapunt ook in Antwerpen. Sinds 1884 leidde hij de Gentse opera. Hij schreef oratoria, symfonische muziek, koorwerken, muziek voor kinderen en pianomuziek. Ziezo, zijn carrière in een hazelnootdopje.

Als groot bewonderaar van Schumann, maar ook van Berlioz en Wagner is het niet verwonderlijk dat hij kunstliederen componeerde, op zorgvuldig uitgekozen teksten van Uhland, Goethe, Heine, Hiel, Hugo en Gauthier. Minder kabbelende beekjes en bronnetjes, minder ruïnes dan in de Schubertromantiek, maar de thematieken van de onbeantwoorde liefde – eros en thanatos -, de bezielde natuur en het doodsverlangen blijven sterk aanwezig in Huberti’s Lieder. Bittere desillusie ook, en het Wandern, natuurlijk. De opname opent met 8 ‘Wanderlieder’. Jozef De Beenhouwer, enorm vertrouwd met de literatuur van de vroeg-Duitse romantiek en het werk van de Schumanns blijkt als pianist een uitstekend vertolker van het genre. Dat geldt ook voor de doorwinterde bariton Werner Van Mechelen: nergens op automatische piloot, steeds bij de pinken en dicht bij de tekst. Zonder dramatisch geweld krijgt elke zin zijn geladen muzikale betekenis. De Beenhouwer is een gelijkwaardige partner in de vertolking, nooit opdringerig, integendeel, zeer evenwichtig.

Sopraan Liesbeth De Vos vertolkt Huberti’s ‘Mailied’ op tekst van Goethe. Dat werk kende in 1906 al internationale bijval, gezien het in dat jaar geprogrammeerd stond op de BBC Proms tussen composities van Wagner, Liszt, Bizet en Verdi. Devos weet, met een zeer fluïde klank, het bipolaire van dit ietwat huppelende, maar tegelijk lugubere liefdeslied perfect te vatten.

De hele cd is een mooie staalkaart van Huberti’s liedkunst. Vanaf track 24 – Lied, Le monde est méchant, Mal ensevelie, La pêch à la ligne – komt een Huberti aan bod die het het overzichtelijke van het Schumann-Lied verlaat, meer de Wagnerkant opgaat met modernere harmonieën en minder afgeronde melodieën. Ze worden meer unendlich, en sluiten dichter aan bij een declamerende zangstijl.

Ik sta nog even stil bij twee Lieder die Huberti schreef op teksten van Emmanuel Hiel en die ook op deze prachtplaat terug te vinden zijn. Na een verblijf in Duitsland en Italie keerde Huberti in 1868 naar België terug. Daar kwam hij in contact met de dichter-politicus Hiel en via hem met Peter Benoit en vervolgens de hele Vlaamse muziekbeweging. Door Hiel en Benoit raakte Huberti diep overtuigd van de noodzaak van een eigen, volwaardige Vlaamse muziekstroming. ‘Serenade’, waarin de natuurromantiek op zijn best klinkt, en ‘O kom, mijn liefste’, waarin de psychologie omtrent de onberekibare geliefde wordt uitgediept, zijn hier twee staalkaarten van. Twee gepolijste edelsteentjes in de zuiverste romantische traditie.

Gustave Huberti, Art songs is uitgegeven in de reeks Flemish Music Heritage bij Antarctica Records.

Misschien houdt u ook van:

Wij gebruiken cookies om onze website en de inhoud er van te optimaliseren. Akkoord