Mozarts Don Giovanni tussen elegantie en dreiging

by Knopskaya

Met deze nieuwe opname van Mozarts Don Giovanni voegen Iván Fischer en het Budapest Festival Orchestra een opvallende interpretatie toe aan de inmiddels indrukwekkend lange discografie van Mozarts meesterwerk. De driedelige cd-uitgave verscheen bij Channel Classics en werd live opgenomen in het Teatro Olimpico in Vicenza. De opname maakt deel uit van een door Fischer opgevatte Mozart-trilogie, waarin ook Le nozze di Figaro en Die Zauberflöte zullen volgen. Het resultaat is een uitvoering die vooral interessant is door Fischers uitgesproken visie op de verhouding tussen muziek en theater.

Fischer behoort tot de dirigenten die Mozart niet benaderen als louter een componist van elegantie en transparantie, maar als een componist bij wie onder de ogenschijnlijk lichte oppervlakte voortdurend dramatische krachten aan het werk zijn. Zijn uitgangspunt is dat Don Giovanni vanaf de eerste maten draait om een botsing tussen orde en vrijheid, tussen regels en de weigering zich daaraan te onderwerpen. Dat idee klinkt in deze opname duidelijk door, al kiest Fischer niet voor de meest spectaculaire of explosieve benadering.

Het Budapest Festival Orchestra is daarbij een belangrijke troef. Het ensemble speelt met grote precisie en een opvallende transparantie. De verschillende instrumentale stemmen krijgen voldoende ruimte, waardoor vooral de houtblazers regelmatig voor kleur en karakter zorgen. De orkestklank is nooit zwaar of log, maar heeft een verfijnde flexibiliteit die goed bij Mozart past. Fischer besteedt bovendien veel aandacht aan details in de partituur. Kleine accenten, ritmische verschuivingen en instrumentale dialogen krijgen betekenis zonder dat het geheel overdreven wordt aangezet.

Opvallend is de aandacht voor de recitatieven. Fischer behandelt deze niet als noodzakelijke verbindingsstukken tussen de grote aria’s en ensembles, maar als een wezenlijk onderdeel van het drama. Daardoor ontstaat een meer doorlopende theatrale ontwikkeling. De personages krijgen tijd om te reageren, te twijfelen, te verleiden en te dreigen. Vanuit die benadering is begrijpelijk waarom Fischer soms bewust ruimte laat tussen de verschillende muzikale momenten. Voor wie de opname als een soort luisteropera benadert, werkt dat niet altijd even vanzelfsprekend: sommige overgangen voelen minder vloeiend en het dramatische tempo kan daardoor af en toe vertragen.

Daar ligt ook een van de belangrijkste discussiepunten van deze opname. Fischer kiest geregeld voor beheerste tempi en een relatief bedachtzame ontwikkeling. Waar andere dirigenten de opera vanaf de ouverture met een bijna fysieke spanning kunnen laden, kiest Fischer vaker voor observatie en detaillering. Dat levert mooie momenten van verfijning op, maar kan ook betekenen dat de dramatische vaart niet voortdurend wordt vastgehouden. Vooral in een werk als Don Giovanni, waarin verleiding, gevaar, humor, seksueel geweld en de naderende catastrofe elkaar voortdurend afwisselen, is dat een risico.

De titelrol wordt gezongen door Andrè Schuen. Zijn stem beschikt over de juiste donkere baritonale kleur en hij geeft Don Giovanni een elegante, soms verleidelijke uitstraling. Schuen kiest niet voor een karikaturale booswicht, maar voor een man die zijn vrijheid als vanzelfsprekend beschouwt en zich nauwelijks laat hinderen door morele grenzen. Dat maakt zijn Don Giovanni menselijker en tegelijkertijd verontrustender. Zijn benadering is vooral sterk wanneer de muziek vraagt om verfijning en charme. In sommige passages zou men echter meer vocale macht en dramatische dreiging kunnen wensen.

Luca Pisaroni is als Leporello een waardige partner. Hij beschikt over de ervaring en het gevoel voor Mozartstijl die deze veeleisende rol vereist. Zijn Leporello is niet uitsluitend de komische knecht, maar ook iemand die zich voortdurend probeert te verhouden tot de onvoorspelbaarheid van zijn meester. De humor is aanwezig, maar wordt niet overdreven uitgespeeld. Daardoor krijgt het personage meer reliëf, al zal wie vooral een uitgesproken komische Leporello verwacht misschien iets van de directe theatraliteit missen.

Maria Bengtsson neemt de rol van Donna Anna voor haar rekening en geeft het personage de nodige dramatische intensiteit. Haar vertolking heeft een duidelijke emotionele lading en maakt voelbaar dat Donna Anna gevangen zit tussen rouw, woede, onzekerheid en haar zoektocht naar gerechtigheid. Bernard Richter zingt Don Ottavio met een lyrische en verfijnde tenor, waarbij vooral de grote aria’s overtuigen. Zijn vertolking onderstreept dat Ottavio een minder kleurloos personage is dan hij soms in uitvoeringen van de opera wordt voorgesteld.

Miah Persson geeft Donna Elvira een meer ingetogen karakter. Haar interpretatie legt eerder de nadruk op de menselijke kwetsbaarheid van het personage dan op uitgesproken komisch effect. Dat levert interessante momenten op, hoewel haar rol in deze opname niet altijd dezelfde dramatische intensiteit krijgt als Donna Anna. Samantha Gaul als Zerlina en Daniel Noyola als Masetto zorgen voor een overtuigend contrast met de aristocratische wereld van Don Giovanni en Donna Anna. Krisztián Cser maakt als Commendatore een verzorgde indruk, al is zijn optreden minder angstaanjagend dan men zich bij deze bovennatuurlijke figuur zou kunnen wensen.

Wat deze opname vooral bijzonder maakt, is de eenheid tussen Fischers muzikale en theatrale visie. Hij was bij de productie in Vicenza niet alleen muzikaal leider, maar ook betrokken bij de regie. Dat verklaart mede waarom de opname soms duidelijk aanvoelt als een registratie van een concrete toneelvoorstelling en niet als een studio-opname die uitsluitend vanuit muzikaal oogpunt is geconcipieerd. De theatrale timing blijft hoorbaar aanwezig. Dat heeft voordelen: de personages reageren hoorbaar op elkaar en de recitatieven krijgen een duidelijke dramatische functie. Maar voor wie de cd uitsluitend als zelfstandige luisterervaring gebruikt, kunnen de soms lange overgangen en pauzes minder overtuigend werken.

De opnamekwaliteit van Channel Classics past goed bij de benadering. Het orkest klinkt helder en ruimtelijk, terwijl de stemmen voldoende aanwezigheid krijgen zonder het orkest volledig naar de achtergrond te drukken. Juist de transparantie maakt het mogelijk om details in de orkestratie te volgen die in sommige traditionele opnamen minder duidelijk naar voren komen. De live-achtergrond blijft daarbij voelbaar, wat de uitvoering een zekere spontaniteit geeft.

Als geheel is deze Don Giovanni dus geen opname die probeert alle mogelijke uitvoeringsidealen met elkaar te verzoenen. Fischer maakt duidelijke keuzes en die keuzes zullen verdeeld ontvangen worden. Wie een vurige, snel voortstuwende en uitgesproken dramatische Don Giovanni verwacht, kan de uitvoering op sommige momenten te beheerst vinden. Wie daarentegen belangstelling heeft voor de psychologische ontwikkeling van de personages, de details van de partituur en de nauwe relatie tussen muziek en theater, zal veel te ontdekken hebben.

De grootste verdienste van de opname is misschien wel dat Fischer Mozart niet als vanzelfsprekende elegantie presenteert. Achter de schoonheid van de muziek laat hij voortdurend de spanning horen tussen verlangen en verantwoordelijkheid, vrijheid en consequenties, komedie en tragedie. Het Budapest Festival Orchestra levert daarbij uitstekend werk en toont opnieuw waarom het tot de meest verfijnde Europese orkesten behoort.

Deze Don Giovanni is daarmee niet zonder discussie, maar juist daardoor interessant. Het is een opname met een duidelijke artistieke persoonlijkheid, een uitstekende orkestrale basis en een overwegend sterke cast. Niet iedere keuze van Fischer overtuigt even sterk en de dramatische vaart had op sommige momenten groter mogen zijn, maar de zorg voor detail en de aandacht voor het theatrale karakter van de opera maken deze uitgave meer dan een routineuze toevoeging aan de catalogus.

Voor wie al verschillende klassieke uitvoeringen van Don Giovanni bezit, is dit geen overbodige herhaling. Fischer biedt een eigen perspectief op Mozarts opera en nodigt de luisteraar uit om opnieuw te luisteren naar de verhouding tussen woord, muziek, personage en drama. De opname is daarmee vooral interessant als een persoonlijke en zorgvuldig uitgewerkte visie op een werk dat na bijna 240 jaar nog altijd nieuwe interpretaties blijft uitlokken.

 Channel Classics CCS49926, 3 cd’s, http://www.outhere_music.com

Misschien houdt u ook van:

Wij gebruiken cookies om onze website en de inhoud er van te optimaliseren. Akkoord